INTERVIEW met Christophe Sermet

De vergane glorie van een Oostends hotel. Emily haalt herinneringen op aan haar kindertijd toen ze als wonderkind solistische optredens gaf; aan haar helse relatie met haar moeder en haar woelige liefde voor Ana, een verhouding die de conformistische Vlaamse maatschappij choqueerde. Ondertussen rust haar geliefde uit op het bed van de suite. Op het gelijkvloers vieren feestende deurwaarders de overwinning van Club Brugge. Het bewegingsloze decor smoort elke passie in de kiem. Om weer echt te kunnen leven roept alles om een verscheurende en onherstelbare daad. Christophe Sermet adapteerde een novelle van Hugo Claus die doordrongen is van dwaze liefde, een gebrek aan respect en doodsdrift. Een bijtend en pathetisch zedeloos sprookje in clair-obscur waarvan de tragikomische humor heen en weer slingert tussen de schilderkunst van Spilliaert en de foto’s van Nan Goldin.

Waar haalt een Zwitserse regisseur zijn liefde voor de Vlaamse literatuur vandaan?
Kort nadat ik me in België vestigde, in het begin van de jaren ’90, maakte ik kennis met Hugo Claus. Dat was voor mij  een soort van initiatie in België, met zijn complexe geschiedenis en anti-conformistische kanten. In Zwitserland groeide ik op tussen twee talen, het Frans en het Duits. Dat land staat veel verder af van de Europese geschiedenis dan België. Het voelde natuurlijk aan om ook eens aan de andere kant van de taalgrens te gaan kijken. Ik ontdekte auteurs die zo weinig ‘Frans’ zijn in hun manier van schrijven en van wie de teksten eerder uit de buik, dan uit de hersenen vertrekken...

In welke mate zijn ze - voor je - universeel?
Net als Murakami, Faulkner en Tsjechov zijn Claus en Lanoye heel universeel, precies omdat ze het niet proberen te zijn. Omdat ze spelen met mythes, terwijl ze de mensen om hen heen laten spreken: hun familie, hun stad, hun gemeenschap. Ze bedenken voor hen een nieuwe, poëtische, scherpe en sensuele taal....

Wat spreekt je aan in het werk van Claus?
Zijn uiterste gevoeligheid en de manier waarop hij zich uitdrukt via de lichamen van zijn roman- of toneelpersonages (voor het theater is dat een buitenkans!). Ik houd van zijn absolute vrijheid van stijl, taal en verhaal. Van zijn gevoel voor het tragikomische, zijn obsessie met wanhopige passies, de absolute trivialiteit van zijn dialogen en de wrede humor die eruit spreekt. Terwijl ik werkte aan mijn eerste voorstelling, Vendredi, jour de liberté (Vrijdag) van Claus, ben ik me ervan bewust geworden hoe weinig gekend hij was in Franstalig België. De mensen konden er maar niet bij dat hij Belgisch is. Het leek wel alsof ik hen liet kennismaken met een exotische auteur die ik meebracht uit een ver land... Bij het ontdekken van Mamma Medea van Tom Lanoye (dankzij hun gemeenschappelijke vertaler, Alain van Crugten), had ik dezelfde ervaring. Dat was nog voor Sprakeloos, en Lanoye was onbekend bij het grote Franstalige publiek. Ik houd van de manier waarop ze roeren in de bagger van het dagelijkse bestaan - triviaal, vulgair - en tegelijkertijd in een heel poëtische taal het metafysische, het existentiële, de essentie aanraken.

Waarom precies Dernier lit? Het is een klein en onbekend verhaal.
Er is een verwarrend verband met de dood van Claus. Dernier lit vertelt het verhaal van een zelfgekozen en geprogrammeerde dood. Om voor de hand liggende redenen zijn er ook grote verschillen met de dood van Claus. Dit kortverhaal staat voor het universum van Claus, maar dan in een notendop. Het is het verhaal van een passie die zijn plaats niet vindt in de maatschappij en eruit verstoten wordt. Een sterk theatrale concentratie van scherpe gevoelens en doodsdrift. Een aangekondigd drama dat in puzzelstukjes versneden is, een nieuwe samenstelling, als was het voor een onderzoek van de zedenpolitie. Een gefragmenteerd verhaal dat zowel puur is als vol schandalen, een mengeling van wrede humor en tragische melancholie. Sinds ik het las, denk ik dat Claus het niet heeft kunnen schrijven zonder een toneelversie voor ogen. Ik kan me vergissen, maar ik ben heel blij dat niemand me voor is geweest!